Gratis rekentool

Procenten berekenen

Vul een percentage en een getal of bedrag in. Je ziet direct hoeveel dat percentage van dat getal is.

Bijvoorbeeld een prijs, salaris of aantal.

Vul de velden in en het resultaat verschijnt direct.

De berekening gebeurt in je browser. Er wordt niets opgeslagen. Uitkomsten worden afgerond weergegeven, dus bij veel decimalen kan het laatste cijfer licht afwijken.

Wil je snel procenten berekenen zonder zelf te rekenen? Met deze gratis rekentool zie je het antwoord direct, of je nu een percentage van een bedrag zoekt, de stijging van een prijs wilt weten of wilt checken hoeveel procent het ene getal van het andere is. Vul je getallen in, kies wat je wilt weten en je ziet het resultaat met de berekening erbij. Zo snap je meteen hoe het antwoord tot stand komt.

Zo gebruik je de procenten calculator

Kies bovenaan de tab die past bij jouw vraag. Vul daarna de twee getallen in die je kent en klik op berekenen. Je krijgt het antwoord en de formule die erachter zit.

  • Percentage van een getal: je weet het percentage en het bedrag, bijvoorbeeld 25% van 200.
  • Hoeveel procent: je hebt twee getallen en wilt weten hoeveel procent het eerste van het tweede is.
  • Stijging of daling: je hebt een oude en een nieuwe waarde, bijvoorbeeld een prijs voor en na een verhoging.
  • Geheel berekenen: je kent een deel en het bijbehorende percentage, en zoekt het totaal of de oorspronkelijke prijs.

Wil je liever zelf uitrekenen hoe het werkt? Lees dan verder, want hieronder staan alle formules met voorbeelden.

Deze procent berekener rekent met Nederlandse notatie, dus je kunt een komma gebruiken voor decimalen.

Wat zijn procenten?

Het woord procent betekent letterlijk per honderd. Een procent is dus een honderdste deel van het geheel, en je schrijft het met het %-teken. Als 40% van de leerlingen in een klas een fiets heeft, dan zijn dat 40 van elke 100 leerlingen. Bij een klas van 25 kinderen komt dat neer op 10 kinderen.

Procenten zijn handig omdat je er heel verschillende grootheden mee kunt vergelijken. Een korting van 20% werkt hetzelfde op een broek van 50 euro als op een laptop van 800 euro. Je vergelijkt altijd een deel met een geheel dat je op 100 zet.

Hoe bereken je procenten?

Het idee achter procenten berekenen is steeds hetzelfde: je vergelijkt een deel met een geheel. In een som met procenten ken je twee van de drie onderdelen en zoek je de derde. Er zijn dus drie soorten vragen:

1. Het deel

Geheel en percentage bekend

25% van 200 is?

2. Het percentage

Deel en geheel bekend

Hoeveel procent is 7 van 25?

3. Het geheel

Deel en percentage bekend

30 is 15% van welk bedrag?

Voor elk van die drie vragen staat hieronder een eigen uitleg met voorbeeld.

De basisformule voor procenten berekenen

De formule om een procent te berekenen is:

Formule
percentage = deel ÷ geheel × 100

Wil je bijvoorbeeld weten hoeveel procent 20 van 80 is? Dan reken je 20 ÷ 80 = 0,25 en vermenigvuldig je dat met 100. Het antwoord is 25%.

Procenten berekenen met de formule percentage = deel ÷ geheel × 100: 20 van 80 is 25%

Draai je de formule om, dan vind je het deel en het geheel:

Het deel vinden
deel = percentage ÷ 100 × geheel

Het geheel vinden
geheel = deel ÷ percentage × 100

Meer heb je eigenlijk nooit nodig, de rest van deze pagina zijn toepassingen van deze drie regels.

Een percentage van een getal of bedrag berekenen

Dit is de meest gestelde vraag: hoeveel is 25% van 200 euro? Je deelt het percentage door 100 en vermenigvuldigt dat met het bedrag. Het procent van een bedrag berekenen gaat dus zo: percentage ÷ 100 × bedrag.

Hoe bereken je een percentage van een bedrag?

Stel je wilt 25% van 200 euro weten:

Voorbeeld: 25% van 200 euro

  • 25 ÷ 100 = 0,25
  • 0,25 × 200 = 50

Het antwoord is 50 euro. Zo werkt het met elk percentage:

Meer voorbeelden

  • 21% van 150 euro: 0,21 × 150 = 31,50 euro
  • 15% van 80 euro: 0,15 × 80 = 12 euro
  • 8% van 250 euro: 0,08 × 250 = 20 euro

Een handige kortere weg: zet het percentage om naar een kommagetal (25% wordt 0,25) en vermenigvuldig dat direct met het bedrag.

Een percentage van 100 berekenen

Bij 100 is het antwoord eenvoudig, want het percentage is dan gelijk aan het getal zelf:

  • 10% van 100 is 10
  • 25% van 100 is 25
  • 30% van 100 is 30

Dit werkt omdat je een heel geheel van 100 hebt. Bij 200 krijg je precies het dubbele, bij 50 de helft.

Hoeveel procent is het ene getal van het andere?

Hier draai je de vraag om. Je kent twee getallen en wilt het percentage weten. Deel het deel door het geheel en vermenigvuldig met 100.

Voorbeeld: hoeveel procent is 7 van 25?

  • 7 ÷ 25 = 0,28
  • 0,28 × 100 = 28

Dus 7 is 28% van 25. Let erop dat het geheel altijd het getal is waarmee je vergelijkt. Vraag je hoeveel procent 25 is van 7, dan krijg je een heel ander antwoord (ongeveer 357%).

Heb je dus twee bedragen en wil je weten hoeveel procent het ene bedrag van het andere is, dan gebruik je dezelfde formule. Dit is iets anders dan een percentage van een getal nemen: daar ken je het percentage al, hier zoek je het juist.

Percentage van een verhouding berekenen

Een verhouding kun je ook als percentage schrijven. Bij een verhouding van 3 op 12 deel je 3 door 12 en reken je 0,25 × 100 = 25%. Drie op de twaalf is dus 25%.

Procentuele stijging en daling berekenen

Als een prijs, salaris of aantal verandert, wil je vaak weten met hoeveel procent. Dan vergelijk je de nieuwe waarde met de oude waarde. De oude waarde is het geheel waarop je het verschil afzet.

Procentuele stijging berekenen

Formule
procentuele stijging = (nieuw − oud) ÷ oud × 100

Een product kostte 100 euro en kost nu 120 euro. Het verschil is 20 euro. Je rekent 20 ÷ 100 × 100 = 20%. De prijs is dus 20% gestegen.

Procenten berekenen bij een prijsstijging: van 100 naar 120 euro is 20% stijging

Procentuele daling berekenen

De formule is hetzelfde, het antwoord is dan negatief. Een jas ging van 200 naar 150 euro. Het verschil is 50 euro, en 50 ÷ 200 × 100 = 25%. De prijs is dus 25% gedaald.

Verschil in procenten berekenen

Soms heb je geen duidelijke oude en nieuwe waarde, maar wil je twee getallen met elkaar vergelijken. Het verschil in procenten hangt dan af van welk getal je als uitgangspunt neemt.

Neem 40 en 50. Het verschil is 10. Ten opzichte van 40 is dat 25% (10 ÷ 40), ten opzichte van 50 is het 20% (10 ÷ 50). Gebruik de oudere of de eerdere waarde als geheel als er een volgorde in zit. Heb je twee gelijkwaardige getallen, kies dan het gemiddelde of vermeld er duidelijk bij waarmee je vergelijkt.

Procentuele prijsstijging berekenen

Een vaak voorkomende situatie is een prijsverhoging in de winkel. Een artikel stijgt van 80 naar 92 euro. Het verschil is 12 euro, en 12 ÷ 80 × 100 = 15%. De prijsstijging is dus 15%.

Het geheel berekenen uit deel en percentage

Soms ken je alleen een stuk van het geheel. Dan werk je terug naar 100%. Je deelt het deel door het percentage en vermenigvuldigt met 100. Dit heet ook wel omgekeerd percentage berekenen.

Totaal berekenen als je deel en percentage kent

Stel 30 euro is 15% van een bedrag. Dan is het totaal 30 ÷ 15 × 100 = 200 euro. Je kunt ook eerst 1% uitrekenen (30 ÷ 15 = 2) en dat keer 100 doen.

Originele prijs na korting berekenen

Een jas kost na 25% korting 60 euro. Je betaalt dan 75% van de oorspronkelijke prijs. De oorspronkelijke prijs is dus 60 ÷ 75 × 100 = 80 euro.

Veelgemaakte fout: 25% bij 60 euro optellen. Dat geeft 75 euro, en dat klopt niet, omdat de korting op de hogere prijs berekend werd.

Korting berekenen met procenten

Bij een korting bereken je eerst hoeveel euro je krijgt en trek je dat daarna af. Een trui van 80 euro met 25% korting:

Voorbeeld: trui van 80 euro met 25% korting

  • Korting: 25% van 80 = 0,25 × 80 = 20 euro
  • Eindprijs: 80 − 20 = 60 euro

Sneller kan ook: je betaalt 75% van de prijs, dus 0,75 × 80 = 60 euro. Dit werkt met elk percentage, ook bij 10, 20 of 30 procent korting. Wil je meer voorbeelden, een stapsgewijze uitleg of meerdere kortingen achter elkaar, kijk dan op onze pagina over korting berekenen.

BTW berekenen met procenten

In Nederland is het gewone btw-tarief 21% en het lage tarief 9%. BTW is ook gewoon een percentage, dus je kunt dezelfde formules gebruiken.

Bedrag inclusief btw berekenen

Vermenigvuldig het bedrag zonder btw met 1,21. Een bedrag van 100 euro wordt dan 121 euro inclusief 21 procent btw. Bij 9% gebruik je 1,09: 50 euro wordt 54,50 euro.

Bedrag exclusief btw berekenen

Deel het bedrag inclusief btw door 1,21. Dus 121 ÷ 1,21 = 100 euro. Het btw-bedrag zelf is dan 121 − 100 = 21 euro.

Trek niet gewoon 21% van 121 af, want dan klopt het resultaat niet.

Procenten berekenen zonder rekenmachine

Met een paar vaste trucs kun je een percentage uit het hoofd uitrekenen. De sleutel is om 10% en 1% als bouwstenen te gebruiken.

Hoe bereken je snel 10% van een bedrag?

Deel het bedrag door 10, of schuif de komma een plaats naar links. 10% van 340 euro is 34 euro.

Hoe bereken je 1% van een bedrag?

Deel het bedrag door 100, of schuif de komma twee plaatsen naar links. 1% van 340 euro is 3,40 euro.

Van 1% naar 100% en andere percentages

Van 10% en 1% kom je bijna overal. Neem 340 euro:

5%

De helft van 10%

17 euro

15%

10% plus 5%

34 + 17 = 51 euro

25%

Een kwart

340 ÷ 4 = 85 euro

50%

De helft

170 euro

75%

Drie kwart

255 euro

En 21%? Dat is 2 × 10% plus 1%: 68 + 3,40 = 71,40 euro.

Procenten berekenen: het verschil tussen procent en procentpunt bij een rente van 5% naar 7%

Procenten berekenen met een verhoudingstabel

Op school leer je dit met een verhoudingstabel. Je zet het geheel bij 100% en rekent via een tussenstap naar het percentage dat je zoekt. Stel je wilt 15% van 240 weten:

Percentage

100%

10%

5%

15%

240

24

12

36

Je deelt 240 door 10 voor 10%, door 20 voor 5% en telt die twee op. 15% van 240 is dus 36.

Procent berekenen met een rekenmachine

Op de meeste rekenmachines kun je een percentage van een bedrag uitrekenen met de %-toets. Voor 25% van 200 typ je 200 × 25 % en je krijgt 50.

Niet elke rekenmachine werkt hetzelfde: bij sommige modellen, zoals de Casio fx-82NL, zit de %-functie achter de SHIFT-toets. Reken je liever zonder die toets, doe dan 25 ÷ 100 × 200. Dat werkt op elk apparaat, ook op de rekenmachine van je telefoon.

Hoe bereken je procenten op de rekenmachine voor de andere sommen? Voor het percentage zelf typ je het deel, deel je door het geheel en vermenigvuldig je met 100. Voor 7 van 25 typ je 7 ÷ 25 × 100 en krijg je 28.

Procenten berekenen in Excel

In Excel kun je procenten laten uitrekenen met een simpele formule. Het is verstandig om de cel met het resultaat op procentopmaak te zetten, dan toont Excel het getal als percentage.

Percentage van een getal berekenen in Excel

Staat het bedrag in cel A1 en het percentage in B1, dan is de formule =A1*B1. Zet je in B1 25% (dus met het %-teken), dan rekent Excel automatisch met 0,25. Bij 200 in A1 komt er 50 uit.

Procentuele stijging of daling berekenen in Excel

Staat de oude waarde in A1 en de nieuwe in B1, gebruik dan =(B1-A1)/A1 en zet de cel op procentopmaak. Bij 100 en 120 krijg je 20%. Een negatieve uitkomst betekent een daling.

Percentage tussen twee waarden berekenen in Excel

Wil je weten hoeveel procent A1 van B1 is, gebruik dan =A1/B1 en zet de cel op procentopmaak. Voor 7 en 25 geeft Excel 28%. Je hoeft zelf niet met 100 te vermenigvuldigen, dat doet de procentopmaak.

Procenten omrekenen naar breuken en kommagetallen

Een percentage, een breuk en een kommagetal zijn drie manieren om hetzelfde te schrijven. Een paar veelgebruikte combinaties:

Percentage

Breuk

Kommagetal

1/10

0,1

1/5

0,2

1/4

0,25

1/2

0,5

3/4

0,75

Procenten omrekenen naar breuken

Zet het percentage boven 100 en vereenvoudig. 40% is 40/100, en dat is gelijk aan 2/5.

Procenten omrekenen naar kommagetallen

Deel door 100, of schuif de komma twee plaatsen naar links. 35% is 0,35 en 7% is 0,07.

Breuken omrekenen naar procenten

Deel de teller door de noemer en vermenigvuldig met 100. 3/8 is 3 ÷ 8 = 0,375, en dat is 37,5%. En 1/16 is 6,25%.

Kommagetallen omrekenen naar procenten

Vermenigvuldig met 100, of schuif de komma twee plaatsen naar rechts. Zo is 2,7 gelijk aan 270%, 1,9 aan 190%, 2,6 aan 260% en 4,5 aan 450%. Een kommagetal groter dan 1 geeft dus een percentage boven 100.

Promille berekenen

Promille betekent per duizend. Eén promille is een duizendste deel, dus 0,1%. Vijf promille is 0,5%. Om promille naar procent om te zetten deel je door 10.

Kan een percentage hoger zijn dan 100%?

Ja, dat kan. Je komt boven 100% uit als het deel groter is dan het geheel waarmee je vergelijkt. 100% is hetzelfde als het geheel, 200% is het dubbele en 150% is anderhalf keer zo veel.

Voorbeelden

  • 150% van 40 is 1,5 × 40 = 60
  • 200% van 40 is 80
  • Een prijs die stijgt van 50 naar 150 euro is 200% gestegen (100 ÷ 50 × 100), en kost nu 300% van de oude prijs

Pas wel op: bij een daling kom je nooit onder 100% daling uit, want meer dan alles kwijtraken kan niet.

Procent en procentpunt: wat is het verschil?

Een procent is een relatief verschil, een procentpunt is het absolute verschil tussen twee percentages. Dit wordt vaak verward in het nieuws.

Voorbeeld: de rente gaat van 5% naar 7%

  • Het verschil is 2 procentpunten (7 − 5)
  • De rente is 40% gestegen (2 ÷ 5 × 100)
Procenten berekenen zonder rekenmachine: 10% en 1% van 340 euro als bouwstenen

Beide uitspraken zijn juist, maar ze betekenen niet hetzelfde. Zegt iemand dat de rente met 2% is gestegen, dan is dat meestal onduidelijk. Procentpunten gebruik je bij het verschil tussen percentages, procent bij een verandering ten opzichte van de oude waarde.

Procenten berekenen in de praktijk

Percentages kom je overal tegen. Een paar situaties waarin je ze echt gebruikt:

Procenten bij salarisverhoging

Je verdient 3.000 euro bruto per maand en krijgt 4% loonsverhoging. Dat is 0,04 × 3.000 = 120 euro extra, dus 3.120 euro. Bij 3% is het 90 euro, bij 2,5% is het 75 euro.

Procenten bij salarisverlaging

Bij een verlaging van 5% op 3.000 euro trek je 150 euro af. Je komt dan op 2.850 euro. Wil je daarna weer terug naar 3.000, dan heb je geen 5% maar ongeveer 5,3% verhoging nodig (150 ÷ 2.850).

Procenten bij vakantiegeld

Vakantiegeld is meestal 8% van het bruto jaarsalaris. Bij 36.000 euro per jaar is dat 0,08 × 36.000 = 2.880 euro bruto.

Procenten bij winst en marge

Je koopt een product in voor 40 euro en verkoopt het voor 50 euro. De winst is 10 euro. Als percentage van de inkoopprijs is dat 10 ÷ 40 × 100 = 25% (opslag). Als percentage van de verkoopprijs is het 10 ÷ 50 × 100 = 20% (marge). Let dus op welk getal je als geheel gebruikt.

Procenten bij rente en financiële situaties

Bij een spaarrekening van 2.000 euro met 3% rente krijg je in een jaar 0,03 × 2.000 = 60 euro. Bij een lening werkt het andersom: je betaalt over het uitstaande bedrag.

Procenten bij afstand en verschillen

Van een route van 150 kilometer heb je er 90 gereden. Dat is 90 ÷ 150 × 100 = 60%. Je hebt nog 40% te gaan.

Oefenen met procenten

De beste manier om het te onthouden is zelf een paar sommen maken. Probeer ze eerst zelf en klap daarna het antwoord open.

Oefensommen met antwoorden

42. 0,12 × 350 = 42.

30%. 18 ÷ 60 × 100 = 30%.

25%. 10 ÷ 40 × 100 = 25%.

90. 36 ÷ 40 × 100 = 90.

120 euro. 96 ÷ 80 × 100 = 120 euro.

Veelgemaakte fouten bij procenten berekenen

Bij percentages gaat het vaak op dezelfde plekken mis. Let op deze valkuilen:

Deel en geheel verwisselen

7 van 25 is 28%, maar 25 van 7 is ongeveer 357%. Het geheel is altijd het getal waarmee je vergelijkt.

Percentage en procentpunt door elkaar halen

Een stijging van 5% naar 7% is 2 procentpunten, maar ook 40%. Noem erbij welke je bedoelt.

Procentuele stijging verkeerd berekenen

Deel het verschil door de oude waarde, niet door de nieuwe. Van 100 naar 120 is een stijging van 20%, maar van 120 terug naar 100 is een daling van ongeveer 16,7%.

Korting verkeerd toepassen

25% korting en daarna 25% erbij brengt je niet terug bij de beginprijs. 80 euro wordt 60 euro, en 25% erbij is 75 euro. Dat komt omdat het tweede percentage op een ander bedrag wordt berekend.

Te vroeg afronden

Rond pas af aan het einde van de berekening. Bij tussenstappen zoals 1/3 of 0,1667 kan een afgeronde waarde al een merkbaar verschil geven.

Conclusie

Procenten berekenen komt neer op een vaste formule: deel ÷ geheel × 100, en de omgekeerde versies daarvan. Weet je welke van de drie je zoekt (het deel, het percentage of het geheel), dan kom je er altijd uit. Gebruik de rekentool bovenaan als je snel een antwoord wilt, en kijk terug naar de voorbeelden als je de berekening zelf wilt volgen. Houd bij stijging en daling steeds de oude waarde als uitgangspunt, en let bij kortingen en btw op welk bedrag je als geheel neemt.

Veelgestelde vragen over procenten berekenen

Gebruik de formule percentage = deel ÷ geheel × 100. Weet je het percentage en het geheel en zoek je het deel, dan reken je percentage ÷ 100 × geheel. Voor 20 van 80 is het antwoord 25%.

Deel het percentage door 100 en vermenigvuldig dat met het bedrag. 25% van 200 euro is 0,25 × 200 = 50 euro.

Deel het bedrag door 100. 1% van 340 euro is 3,40 euro. Wil je 10%, deel dan door 10.

Deel het bedrag door 10 of schuif de komma een plaats naar links. 10% van 340 euro is 34 euro.

Tel 10% en 5% bij elkaar op. 15% van 80 euro is 8 + 4 = 12 euro. Of vermenigvuldig het bedrag met 0,15.

Reken 7 ÷ 25 × 100. Het antwoord is 28%.

Trek de oude waarde van de nieuwe waarde af, deel dat door de oude waarde en vermenigvuldig met 100. Een positief resultaat is een stijging, een negatief resultaat een daling.

Vermenigvuldig de prijs met het kortingspercentage gedeeld door 100. 25% korting op 80 euro is 20 euro korting, dus je betaalt 60 euro. Heb je de oude en de nieuwe prijs, dan reken je (oud − nieuw) ÷ oud × 100.

Deel de eindprijs door het percentage dat je nog betaalt en vermenigvuldig met 100. Na 25% korting betaal je 75%, dus 60 ÷ 75 × 100 = 80 euro.

Vermenigvuldig met 100. 2,7 is 270%.

Ja. Een percentage boven 100% betekent dat het deel groter is dan het geheel. 150% is anderhalf keer het oorspronkelijke bedrag, 200% is het dubbele.

Een procentpunt is het absolute verschil tussen twee percentages, een procent is een relatieve verandering. Gaat de rente van 5% naar 7%, dan is dat 2 procentpunten, en een stijging van 40%.